2011/feb - Dansgroep Zonne

Datum publicatie: februari 2011 (ledenblad nr. 8)

Turnhout danst in Dansgroep Zonne

Gil Tack en Rita Dries, met dank aan Marc Willems

In 2007 vierde Dansgroep Zonne zijn 50-jarig bestaan. Om wat meer te weten te komen over deze vereniging uit Turnhout hadden we een gesprek met Marc Willems, dansend lid, bezieler en dansleraar.

Bij de stichting in 1957 op initiatief van Bea Van Gestel heette de groep Eureka, maar twee jaar later werd geopteerd voor de meer Vlaamse naam Volksdansgroep Zonne. De huidige naam is Dansgroep Zonne omdat de nadruk ligt op bewegen (dansen) en dit met verschillende culturen als inspiratiebron.

Elk weekend wordt er gedanst bij Zonne in vier verschillende groepen, waarvan er twee een naam hebben die verwijst naar de speelkaartentraditie in Turnhout. Vrijdagavond repeteert Klaveren Aas, de groep van de internationale dansen. Deze dansen zijn vooral afkomstig uit de Balkan en Israël. Zondagmorgen komen de leden van Schuppen Zot, de demonstratiegroep, dit wil zeggen de groep die de optredens doet, samen.

     Groepsfoto Prinsenstraat (2010)

In deze groep komen enkel Vlaamse dansen, zowel de traditionele als nieuw samengestelde aan bod. Nieuwe dansen ontstaan o.a. als dansleraars een choreografie bedenken op een bestaand liedje. Zo werden er dansbewegingen geschreven op O julissi na jalini, van Ishtar. Deze nieuwe dans kreeg de naam Turnhout Kermis. Het dansarchief van het Instituut voor Vlaamse Volkskunst (IVV) in Schoten levert dikwijls de knowhow voor de traditionele Vlaamse dansen.            

Aansluitend bij de repetities van Schuppen Zot is er zondagmorgen training voor de groep van de Morrisdansen. Dit zijn heidense dansen met veel spektakel om de boze geesten te verdrijven: rinkelende belletjes, waaierende linten, bewegende stokken, wapperende zakdoeken. Morrisdansen leven het meest voort in Engeland en de leden zijn uitsluitend mannen. Dikwijls hoorde er vroeger ook een nar bij om het publiek te animeren en de dansers te pesten. Vreemd genoeg was dit soms wel een vrouw.

     Optreden van Dansgroep Zonne

De vierde volwassenengroep die zondagavond repeteert is Eeuwig Jong. Deze groep danst internationale dansen en richt zich zoals de naam al aangeeft tot iedereen die ‘eeuwig jong’ wil blijven. Zij mikken op een bescheidener dansniveau en samenzijn is voor hen zeker zo belangrijk.

Naast deze 4 volwassenengroepen is er ook een kinder- en een tienergroep. Het jongste lid is 6 jaar. Spijtig genoeg slaat het dansen tegenwoordig minder aan bij de jeugd. Toen Zonne in 1982 25 jaar bestond, telde de vereniging 175 leden, nu nog 87. Een meevaller, dit in tegenstelling tot andere volksdansverenigingen, is dat het aantal mannen bij Zonne nog best meevalt. Zonne rekruteert leden in Turnhout en omstreken (Ravels, Retie, Zandhoven, Gierle), maar ook in Deurne, Merksem, Antwerpen, zelfs tot in Zeebrugge. Het is de kwaliteit en de gezellige sfeer, die deze leden aantrekken.

In de meeste Vlaamse dansen komt een duidelijk thema aan bod, dat ook te herkennen valt in de uitgevoerde dansbewegingen. Een zeer belangrijk thema is de oogst. In Oogstkoekenkermis (oogstkoeken zijn de koeken die worden gebakken uit het laatst afgemaaide graan) zijn duidelijk draaiende molens, oogstende boeren en graantrechters te herkennen. Een ander belangrijk thema is de arbeid. Zo is er in Turnhout de ‘Weversflikker’ waarvan enkel de muziek is overgebleven.          

Verder komen natuurlijk verleiden, vrijen, vrijgezellenavond en huwelijk dikwijls aan bod. Vroeger werden de geslachten zoveel mogelijk gescheiden gehouden, maar in het dansen konden ze zich samen uitleven met speelse knipoogjes en uitdagend ‘poepschudden’.

Bij het samenstellen van een repertoire wordt door de dansleraars van Zonne speciale aandacht besteed aan dansen uit Turnhout. Zo leerde ze onlangs van Andrea Sterck, een autoriteit op het gebied van traditionele volksdansen, de Lansierquadrille, een dans afkomstig uit het leger. Er is ook weet van de Stokkendans van Turnhout die door de Onze Lieve Vrouwe Gilde werd gedanst. Van deze laatste is de muziek verdwenen, enkel de dansbeschrijving is overgeleverd.

40 jaar geleden kwam de jonge Marc Willems toevallig bij Zonne terecht. Lid van de chiro had hij met enkele kameraden afgesproken om te gaan spoken in een kamp van de scouts in het Raadsherenpark. Enkele meisjes wilden ook mee op voorwaarde dat de jongens daarna met hen mee gingen dansen bij Zonne. Zo gebeurde het dat de jonge Marc er zijn passie vond, zijn echtgenote Josiane Driesen ontmoette en twee van zijn kinderen er de dansmicrobe opdeden.

Vlaamse dansen zijn meestal koppeldansen voor acht paren. Het koppeldansen maakt deze dansen een stuk gemakkelijker dan individueel gedanste buitenlandse dansen. De koppels hebben immers veel steun aan mekaar, waardoor het onthouden van de verschillende figuren een stuk gemakkelijker wordt.   

Net zoals in het buitenland verschilt de dansstijl regionaal. Hoe de koppels elkaar vasthouden (in de lenden of aan de schouders) en een bepaalde pas uitvoeren is erg streekgebonden. Zo zou het wel kunnen dat Kate Ryan de inspiratie voor haar kniezwengel haalde uit de hoppas, zoals hij wordt uitgevoerd in de Kempen, want enkel hier zwaaien de dansers met een vooruitgestoken been.

Het vinden van de juiste muziek is voor een dansgroep een aparte uitdaging. Hierbij biedt het reeds hoger aangehaalde IVV in Schoten de nodige hulp. Zoekwerk op het internet levert verschillende, originele uitvoeringen van de muziekjes. Bij optredens met Vlaamse dansen spelen meestal live muzikanten: een accordeon, twee dwarsfluiten, een altviool, een viool en het slagwerk.

     Optreden tijdens Tijlstoet (1959)

Een ander belangrijk onderdeel van een optreden dat ook de nodige zorg vraagt is de kledij. De dansers van Zonne hebben verschillende uniformen gebaseerd op de streekgebonden klederdracht, waarin Turnhoutse accenten natuurlijk niet ontbreken. Zo dragen de dames de Turnhoutse strikkenmuts met pijpenkantjes en linten. Deze mutsen werden handgemaakt in Wechelderzande en kostten 15 jaar geleden 5000 BEF per muts. Het reinigen van elke muts kost nu 75 euro.

Verder dragen de vrouwelijke dansers een bedrukte katoenen sjaal, die vroeger in Turnhout door de weverij Vueghs et Frères (Gierlesteenweg) werd vervaardigd. Nu moet Zonne naar het buitenland, meer bepaald naar Mulhouse, om deze sjaals in verschillende motieven te kunnen bestellen.

Typisch voor Turnhout in het herenkostuum is de ‘klak’ met veelhoekig bovenvlak. Verder dragen de heren soms de faas (zwarte hoge muts met klep) of de ‘tits’ (een platte strooien hoed à la Maurice Chevalier).

     Groepsfoto viering 10-jarig bestaan

Ging u op ‘Verlooren Mondagh’ op de Markt in Turnhout aan het kraam van Zonne ‘Klinken met de Binken’ dan weet u nu waarvoor deze vereniging staat. Hebt u interesse om lid te worden, dan kan u informatie vinden via www.zonne.be

datum_oud_artikel: 
dinsdag, 1 februari, 2011